Affichage des articles dont le libellé est 2009 Karolien Peeters. Afficher tous les articles
Affichage des articles dont le libellé est 2009 Karolien Peeters. Afficher tous les articles

jeudi 19 février 2009

Zondag 15 februari 2009 - Karolien Peeters

Gisteren was het een zeer drukke dag. Heel de basis moest opgeruimd worden en eigelijk was het nog een werf. Aangezien ik me had opgegeven om te helpen met de opkuis was ik heel de dag in de basis. Begonnen met een hele hoop afval naar beneden te brengen en daarna een berg plankjes verhuisd naar een opslagruimte. Pas na een dik uur kwam er mij iemand vertellen dat ze ook een soort karretje hebben waarmee ik er meer tegelijk kon vervoeren. Na de middag heb ik dan heel de basis gestofzuigd. Ik maakte kennis met het energieprioriteiten systeem, wat wil zeggen dat als je geen prioriteit hebt, je geen energie hebt, wat er vaak op neer kwam dat ik zat te wachten op energie! Er moesten ook nog een paar kleine werkjes gebeuren die de boel natuurlijk weer vuil maakten, kwestie dat iedereen aan het werk blijft...
Tegen de avond raakte alles zowat opgeruimd en werden de meubels naar boven gebracht. Dat was opeens een heel ander zicht! Het blijft verbazingwekkend hoe het station op één dag tijd van een werf in een echte woonplaats verandert is, natuurlijk met de hulp van heel veel handen! Ondertussen maakten wij wetenschappers een presentatietje klaar voor tijdens de rondleiding, zodat we de mensen een beetje konden inleiden over wat er allemaal al gebeurt dit jaar.
Vannacht was het zeer koud, bijna min 20 C. Het lijkt dat sinds we terug zijn van Brattnipane het echt veel kouder is geworden in Utsteinen. Het einde van het seizoen is blijkbaar op komst.
Vanmorgen dan toch een klein beetje kunnen uitslapen want de VIP's kwamen met een uur vertraging aan. Met drie vliegtuigen, twee Baslers en één Twin Otter kwamen ze aan met en klein half uurtje verschil. Zij kregen een eerste rondleiding met het vliegtuigje dat een mooie toer maakte over het kamp en de basis en dan langs Utsteinen nunatak scheerde om uiteindelijk te landen. De meesten van hen waren blijkbaar ongeduldig en kwamen al te voet naar het kamp. Ze ondervonden dan meteen dat alles hier verder is dan het lijkt. Na registratie kregen ze een ontbijt aangeboden. Rond 11 uur begon dan een wandeling door het kamp, rond de ridge, langs de achterkant van de basis, langs de shelter van de klimatologen om te eindigen op het dak van de garages. Daar vond de eigelijke opening plaats met een woordje van Alain Hubert, Minster Laruelle (Federaal wetenschapsbeleid, o.a.) en Minster De Crem (Defensie) waarna de herdenkingsplaten werden onthuld. En toen was er champagne...
Uiteindelijk werd de hele bende in een vijftal groepen gedeeld waarna ze aan een rondleiding door de basis begonnen. Wij wetenshappers hadden ons opgesteld in het bureau, een grote ruimte aan de zijkant van het gebouw, en gaven onze presentatie. Deze was natuurlijk eindeloos veel te lang en aangezien de mensen al twee nachten niet behoorlijk hadden geslapen (vrijdagavond vertrokken in Brussel en zaterdagavond in Cape Town) waren er een aantal die in slaap vielen... Tijdens de tweede presentatie viel plots de stroom uit, presentatie zonder slides, niet echt handig. Er is dus een nieuwe afspraak gemaakt, de geïnteresseerden krijgen vanavond opnieuw de kans onze presentatie te zien. Wij gingen ook eens luisteren naar wat de mensen van Laborelec te vertellen hadden over hun installaties. Na twee weken weten we nu tot in detail wat allemaal de bedoeling is. Ze maken gebruik van een zeer ingenieus systeem om energieproductie en verbruik te regelen. Iets dat door Laborelec zelf ontwikkeld is en hier in het station voor het eerst wordt toegepast. Daarna zal de technologie de hele wereld veroveren. Iets later die middag kwamen de mannen van Laborelec eens naar de wetenschappelijke container waar Annick hen een beetje uitleg gaf over de microbiologie. Er ontstond een heuse discussie over de bedreiging van bacterieën voor de mensen die zelfs evolueerde naar de mogelijkheid van verhuizen naar Mars nadat bacteriën de omgeving er voor ons aangepast hebben. Op deze manier waren we beiden verwonderd over elkaars werk.
Ondertussen hebben de mensen hun kamer/tent toegewezen gekregen. Een aantal mensen gingen wel degelijk een beetje rusten, anderen gingen met Benoit naar de windscoop of met René naar Teltet. Vanavond is er dan nog een walking diner. Morgen zullen wij een beetje wetenschap in de praktijk tonen. Annick zal een paar dingen laten zien met de microscoop en Steve en Jeroen zullen een gat boren in het dichtsbijzijnde meer.
Rond drie uur morgen middag vertrekken wij dan richting Novo waar we weer één nachtje mogen blijven tot de VIP's ons vervoegen en we samen naar Cape Town terug gaan.

Maandag 16 februari 2009

Gisterenavond is er maar één iemand komen opdagen voor de presentatie, dus hebben we hem in het kort uitgelegd wat hij wilde weten. Daarna toonde Michel de Wouters de boodschap van Prins Filip. Hij kon zelf niet aanwezig zijn, maar stuurde een boodschap mee om Alain Hubert te bedanken en geluk te wensen. Daarna was er receptie die zo uitgebreid was dat we daarna niet meer konden eten van de echte maaltijd! Voor sommigen werd het vrij laat!
Vanmorgen dan begonnen met alles te pakken. Snel ontbeten en rond negen uur met de minister en een aantal geïnteresseerden vertrokken naar het windscoop meertje vlakbij het kamp. Daar toonden Jeroen en Steve hoe ze te werk gaan als ze een boring doen. Zoals het in het echt ook gebeurt, kregen ze de twee stukken van de boor niet uit elkaar omdat ze vastgevroren waren, dit maal ook niet met warme thee... Om de mensen niet te vervelen, gaf Cyrill ondertussen uitleg over zijn beestjes. Na een tijdje slaagden Jeroen en Steve er toch in de boor te monteren en konden ze beginnen boren. Ze lieten ook iedereen eens proberen om aan te tonen dat het wel vrij zwaar werk is. Na een 70 tal cm ijs bereikten ze dan het water, dat ze dan iedereen lieten proeven!
Daarna was het snel verder inpakken, nog iets eten en dan afscheid nemen van iedereen. De VIPs zullen we morgen hier in Novo nog zien maar alle anderen niet meer...
En dan vertrokken naar Novo. Deze keer is het hier veel rustiger en kunnen we zelfs in één van de containers in plaats van in een tent slapen! Stilletjes aan dus weer naar de bewoonde wereld. Vandaag kunnen we al slapen in een verwarmde ruimte op echte bedden en kunnen we wc’s gebruiken waar je echt kan doorspoelen! Morgenochtend komen de VIP’s hier dan ook aan en normaal vertrekken we rond 12 uur richting Cape Town, waar het volgens Michel nu 30°C is, plus 30°C!!!
Tot hier het verslag van een lange reis. Nog enkele daagjes Kaapstad en dan keren we terug naar het echte leven.
Graag wil ik iedereen die deze expeditie heeft mogelijk gemaakt bedanken. Allereerst Prof. Dr. Anne Willems die mij eerst de kans gaf om op het zeer interessante AMBIO project (BELSPO) te beginnen werken en er nu voor gezorgd heeft dat ik de omgeving die ik bestudeer ook eens in het echt kan zien. Verder wil ik ook mijn ouders en mijn vriend bedanken voor de steun en het doorsturen van de mailtjes. Ook dank aan mijn collega’s en zij die mijn werk in het labo draaiende hebben gehouden. En natuurlijk nen dikke merci aan mijn collega wetenschappers die mee waren op expeditie en de andere inwoners van Utsteinen, de mensen van Laborelec, Schneider, Defensie, ... en uiteraard ook Alain en Gigi.
Ook u wil ik bedanken voor het trouw lezen van de blog. Ik hoop dat u allen veel plezier heeft gehad aan de verslagjes en dat jullie allemaal mogen voelen dat de wetenschap leeft in België en ongelofelijk belangrijk is. De bouw van het Princess Elisabeth station is dan ook een zeer belangrijke stap en zal hopelijk een grote bijdrage leveren aan het onderzoek op Antarctica.

Vele groetjes
Karolien

mercredi 11 février 2009

From Karolien Peeters

Zaterdag 7 februari 2009

Vanochtend was het bewolkt, wat overeenkomt met niet wakker worden van de warmte maar het is dan wel des te pijnlijker om uit je slaapzak te komen en je aan te kleden. We vertrokken vrij vroeg, samen met de Japaners naar de Dry Valleys, een regio op een uurtje rijden van hier. Daar aangekomen leek de plek verdacht veel op de plaats waar we gisteren waren geweest met al die grote rotsblokken verspreid, maar dat was het niet. De Japaners toonden ons de plaatsen die hen opgevallen waren en inderdaad er was veel meer leven dan je op het eerste gezicht zou zeggen. We vonden een paar lichenen en mossen. Annick vond ook een paar endocryptolytische algen. Dit zijn algen die binnenin een rots groeien en van daaruit nutrienten opnemen. Hierdoor maken ze de rots ook weker en daarom komen er soms deeltjes bloot te liggen die wij dan kunnen vinden. Ook waren er bevroren plasjes rond rotsblokken die geel gekleurd waren. Dit zou veroorzaakt kunnen worden door algen of cyanobacteriën. Jeroen vond ook een paar donkerbruine poeltjes, weliswaar bevroren, maar het zouden diatomeeën kunnen zijn. Op dit moment is hij dat aan het nakijken met de microscoop. Cyrill vond uiteraard opnieuw mijten en Collembola, maar waarschijnlijk allemaal dezelfde soorten die we al gevonden hadden. Na een tijdje rondgekeken te hebben wilden Cyrill en ik een beetje verder, de gletsjer op, gaan kijken naar de bodem. Deze gletsjer is echter de plaats waar de catabatische winden van het hoogplateau dat het grootste deel van Antarctica omvat, naar beneden komen. Het was er dus ontzettend winderig en daardoor zijn we er niet in geslaagd daar lang te blijven. Het was gewoon veel te koud. Helemaal verkleumd van de kou keerden we terug naar het basiskamp. Een warm soepje bracht ons echter terug op temperatuur...


Zondag 8 februari 2009

Eindelijk zondag! Gisterenavond was ik doodmoe, waarschijnlijk van de koude, dat vraagt ongelofelijk veel energie blijkbaar! Vanmorgen ben ik dan ook maar om half tien wakker geworden. De andere wetenschappers waren al vertrokken naar de top van de nunatak Utsteinen. Na mijn ontbijt ging ik hen achterna, het was hier namelijk vlakbij. Annick was aan de rand van de sneeuw gebleven, een eindje omhoog. Ik besloot niet naar de top te klimmen omdat het een beetje te gevaarlijk was zo zonder gids en bleef dus bij Annick. Ook de nunatak Utsteinen is bijzonder rijk, we vonden opnieuw een aantal lichenen en mossen en uiteraard Collembola. Tegen de lunch kwamen we terug naar beneden. De rest van de middag heb ik een beetje op de computer gewerkt maar verder niet zoveel gedaan. Een beetje rustiger aan was wel eens nodig. Morgen zouden we misschien naar Bradnipane vertrekken. We zouden daar een drietal dagen blijven aangezien het een heel eind rijden is. Op dit moment is er echter nog het probleem dat er te weinig tenten zijn om mee te nemen, dus zullen we waarschijnlijk een aantal van de onze hier moeten afbreken en meenemen!


Maandag 9 februari 2009

Vanmorgen dan toch niet vertrokken op driedaagse omdat de weersvoorspellingen te slecht waren. Waarschijnijk kunnen we pas woensdag vertrekken. We besloten vandaag terug te gaan naar Ketelersbreen en het begin van de Dry Valleys, waar we met die Japaners waren geweest en we wel het één en het ander gevonden hadden. Helemaal in het begin waren ook morenes met mogelijks meren en daar zijn we gestopt. Opnieuw een gigantisch veld vol met enorme rotsblokken omgeven door bergen en bergen sneeuw. Het was vrij gevaarlijk daarin rond te lopen, een beetje zoals in een mijnenveld. Bij elke voet die je wilde neerzetten moest je oppassen. Zou de sneeuw voldoende bevroren zijn om mijn gewicht te dragen of zal ik zo’n twintig cm naar beneden zakken? Zullen er stenen verstopt liggen onder de sneeuw. Zullen die mooi plat liggen of zal ik mijn voet bijna omslaan? Liggen die stenen stabiel of gaan die ook nog eens verschuiven? Gaat mijn voet vast geraken tussen twee stenen? Een hele onderneming dus en vrij belastend voor de knieën en de rug. Het mag een wonder genoemd worden dat er niemand gewond raakte.
Ten gevolge van de sneeuw was er opnieuw niet veel leven te vinden. Hier en daar een mosje of een lichen als je toevallig de juiste steen omdraaide, en uiteraard weer Collembola voor Cyrill. Omdat het vandaag weer bewolkt is en dus zeer koud keerden we maar op tijd terug naar het kamp.

Tot zover het verhaaltje. Ik wou nog even melden dat er mogelijks opnieuw beelden zullen uitgezonden worden over de basis op het nieuws (VTM en RTL), de vraag is alleen wanneer want er zijn problemen met de saterliet waardoor het moeilijk is beelden en ook mails door te sturen.
Ook wil ik jullie herinneren aan de uitzending op Canvas op 10 feb. over het wetenschappelijk werk rond de Princess Elisabeth basis.


lundi 9 février 2009

Donderdag 5 februari 2009 - Karolien Peeters

Vanmorgen was het weer toch vrij goed, hoewel het nog erg waaide. Eerst wilden we terug gaan naar Pingvinane om de andere nunataks te bekijken maar uiteindelijk besloten we dat niet te doen omdat we vermoeden dat ze allemaal uit dezelfde droge gravel zouden bestaan en allemaal meertjes zonder sediment zouden hebben. We besloten naar een echt meer op zoek te gaan. Iets verder dan Pingvinane was er op de kaart een meer aangeduid, dus wij er naartoe. En we hadden prijs, een pracht van een meer, hoewel grotendeels bedekt met sneeuw. Jeroen en Steve begonnen weer aan hun boorwerken en wij gingen op zoek naar interessante habitats. Dit viel eigelijk een beetje tegen, we kwamen weer niet verder dan grove gravel en fijnere gravel die een beetje vochtig is van de smeltende sneeuw maar dit zijn geen permantente habitats dus beestjes kunnen daar zeer moeilijk overleven. Wij dus verder opzoek naar andere meertjes of valleitjes. We vonden nog een paar zeer mooie plaatsen maar telkens was te vochtigheid te wijten aan de smeltende sneeuw en dus niet interessant. Natuurlijk namen we toch een aantal stalen maar daar verwachten we niet zoveel van, hoewel er wel altijd bacteriën zullen te vinden zijn. Cyrill had in het voorbijrijden een mogelijks interessante vallei gezien maar onze gids René dacht dat het te gevaarlijk was om af te dalen. Hij ging echter toch op verkenning en vond een goede weg naar beneden. De vallei werd vroeger gevormd door een gletsjer en daar is nog steeds een restant van aanwezig in de hoogte, wat een constante smelt van ijs betekent, dus altijd vochtige habitats! En inderdaad, Cyrill vond opnieuw Collembola!
Ook Jeroen en Steve voegden zich weer bij ons en ze wilden nog snel even een gat boren in het kleine meertje dat er ook was. Dit viel echter tegen aangezien het ijs meer dan twee meter dik was. Ze namen dus genoegen met enkel de data van de waterchemie en geen sedimentstaal.
Het was dus een prachtige dag. Het weer is heel goed gebleven, bij tijds zelfs te warm in de zon, maar daar mogen we niet over zagen hé!

Karolien Peeters

Vrijdag 6 februari 2009 - Karolien Peeters

Vandaag is het de hele dag bewolkt gebleven en dus zeer koud. Jeroen, Steve, Cyrill en ik vertrokken samen met onze gidsen René en Benoit naar de regio waar we gisteren gestopt waren. Annick bleef in de basis om wat microscopiewerk te doen en een aantal sneeuwvallen uit te zetten.
Na een half uurtje rijden kwamen we aan een futuristische plaats. Heel de ijsvlakte was bedekt met grote rotsblokken, zo ver als je kon zien. We reden er met de skidoo’s doorheen op zoek naar een meer dat op de kaart aangeduid was. Uiteindelijk vonden we het ook. Het was een hele uitgestrekte omgeving dus het duurde en tijdje vooraleer we stalen hadden genomen. We vonden enkele mosjes en een paar lichenen maar niet extreem veel. Als het weer dit jaar beter was geweest was dit waarschijnlijk een zeer rijke omgeving geworden. De grote rotsblokken die overal verspreid liggen worden door de zon veel warmer dan hun omgeving en smelten zo stilletjes aan in het onderliggende ijs. Op die manier is er vaak ook smeltwater te vinden vlakbij die rotsblokken wat een habitat kan zijn voor kleine wiertjes of zelfs microbiële matten. Maar dit jaar mocht het niet zijn, alles was bevroren en ondergesneeuwd.
Na de middag trokken we een beetje verder naar een kleiner meertje. Hier slaagde Jeroen erin door het ijs te geraken (slechts 76 cm dik) en staaltjes van de bodem te nemen. Deze bleek bedekt met microbiële matten. Zeer interessant dus! Ondertussen was Cyrill de berg opgeklommen en had hij in de hoogte, opnieuw in de “stroom” van smeltwater van de gletsjer een aantal mosjes en lichenen (korstmossen) gevonden en uiteraard Collembola en mijten!
Om af te ronden bekeken we nog een iets groter meer vlakbij. Hier geraakten Jeroen en Steve niet door het ijs, dat meer dan 2 m dik was. Cyrill vond echter wel weer mijten en een paar Collembola.
Een aantal dagen geleden zijn hier zes Japanners aangekomen die al twee maand en een half hier in de buurt rondtrekken. Het zijn allemaal geologen en ze komen hier naar de Belgische basis om hun vlucht terug naar Novo af te wachten. Deze mensen kennen de omgeving echter zeer goed en dus hebben wij hen aangesproken en gevraagd of zij omgevingen kennen waar ook nu vloeibaar water te vinden is. En die kennen ze! Morgen gaan we normaal samen met hen naar deze plaatsen! Op de foto’s lijkt het veelbelovend.

Karolien Peeters

Woensdag 4 februari 2009 - Karolien Peeters

De dag begon redelijk veelbelovend. Wakker worden omdat het te warm is in je tent en de toelating om naar Pingvinane, dichtbij gelegen nunataks, te gaan. Het duurde echter een tijdje eer we konden vertrekken omdat we nog niet echt de routine hebben van materiaal en persoonlijk spullen verzamelen voor het vertrek. Telkens moest er wel iemand nog even snel iets gaan halen in zijn tent of in de container met het wetenschappelijk materiaal die boven aan de basis staat. Uiteindelijk was het 10 uur toen we vertrokken. Na een klein half uurtje kwamen we aan de nunataks. Pingvinane bestaat uit een vijftal nunataks, elk met hun windscoop en mogelijks meertje. Werk genoeg dus. De bodem leek eerst vrij droog en enkel uit gravel te bestaan maar toen we een beetje verder gingen kwamen we toch ook kleine stukjes zwarte bodem tegen. Cyrill vond opnieuw Collembola, wat voor mij betekent dat er zeker bacteriën moeten zijn aangezien Collembola bacteriën eten. De beestjes die hij vond leken weer zeer sterk op degene die we hier aan de nunatak Utsteinen gevonden hebben. Op zich is dat ook interessant want op deze manier kan Cyrill onderzoeken wat de verschillen zijn tussen populaties die op verschillende plaatsen leven en vermoedelijk nooit met elkaar in contact komen. Zelf ben ik ondertussen ook al getraind in het vinden van grotere beestjes zoals Cyrills springstaartjes en ook vond ik een paar mijten. Het heeft wel iets, zo beestjes zoeken en ze ook werkelijk kunnen zien zonder ze eerst te moeten kweken of een microscoop boven te moeten halen!
Jeroen en Steve boorden ondertussen een gat in het ene meertje en ondekten opnieuw dat het uit twee lagen ijs bestond met ertussen water. De onderste laag ijs is meestal een restant van een gletsjer en de bovenste laag blijkt afkomstig te zijn van het smeltwater van de gletsjer. Dit soort meren heeft echter geen sediment op de bodem aangezien de onderste laag vlakboven de rotsen ligt. Geen sedimentstalen dus.
Cyrill, Annick en ik gingen samen met onze gids René een kijkje nemen in de windscoop van de eerste nunatak (we waren gestart aan de tweede), de bodem leek gelijkaardig maar toch wou ik een aantal stalen nemen. De wind wakkerde echter aan en plots begon het ook te sneeuwen. René besloot dat we terug moesten gaan want het werd te gevaarlijk. Het duurde echter nog een tijdje eer we terug aan onze skidoo’s kwamen en ondertussen was het al erger beginnen sneeuwen. Met een slakkengangetje en dicht achter elkaar probeerden we onze sporen van ‘s morgens terug te volgen maar het was zeer moeilijk. Gelukkig hadden we ook nog een GPS bij die ons de weg kon tonen. Rond twee uur waren we dan terug in de basis, helemaal koud van in de wind te rijden!

Ondertussen is het avond en is het nog steeds aan het sneeuwen. We hebben dus niets meer kunnen doen de rest van de dag en misschien blijft het weer ook morgen slecht. In elk geval zal ons werk nu weer bemoeilijkt worden door de vers gevallen sneeuw.


Karolien Peeters

mercredi 4 février 2009

Maandag 2 februari 2009

Vanochtend werd ik wakker van de warmte in mijn tent. Het was er 22°C!!! Als je dan nog een thermisch truitje aanhebt en je ligt in een fleece lakenzak, in een dikke slaapzak dan zweet je je kapot. Opstaan dus!
Vanmorgen zijn we naar Teltet gegaan. Dit is een dichtbij gelegen nunatak. Had ik al uitgelegd wat een nunatak juist is? Het is een soort berg die tijdens de ijstijd niet bedekt werd door ijs en waar het leven dus misschien kon overleven. Aangezien de rest van Antarctica nog steeds ijs is, zijn de nunataks de enige plaats waar we kans hebben leven te vinden. Teltet is ongeveer 7 km van hier gelegen wat dus een beetje te ver is om te voet te doen en dan nog voldoende tijd over te hebben om stalen te nemen. We gingen dus met de skidoo’s (sneeuwscooters). Alain legde ons snel uit hoe het werkte en wij vertrokken. Tegen 40 km/h vlogen we over de sneeuwvlakte! Zalig. Na een kwartierje kwamen we aan het meertje aan de voet van de nunatak. Daar stopten Jeroen en Steve, zij gingen opnieuw proberen een gat te boren in het ijs om water- en sedimentstalen te nemen en een aantal paramaters te meten zoals pH, conductiviteit, ...
Annick, Cyrill, Rene (onze berggids van Chamonix) en ik reden nog een stukje verder naar de voet van de nunatak. Opnieuw speelde de sneeuw ons parten. Er was slechts weinig interessants te vinden. We namen dan maar gewoon wat gravelstalen van een paar verschillende bodems. Rond de middag keerden we terug naar de plaats waar we Jeroen en Steve hadden achtergelaten. Bleek dat ze hadden geprobeerd te boren in het meer en na 1 m al water hadden gevonden, wat niet erg diep is. Toen ze verder probeerden te gaan om sediment te nemen bleek er nog een laag ijs te zijn. Volgens Steve die wel kenner is op dat gebied, is het volkomen normaal dat je twee lagen ijs vindt met ertussen vloeibaar water. Wat echter niet normaal was, is dat ze de boor er niet meer terug uit kregen. Deze was ondertussen al vast gevroren en ze kregen hem er totaal niet meer uit. We besloten terug te gaan naar het kamp om daar naar een oplossing en mogelijke hulpmiddelen te zoeken. Toen we wilden vertrekken, startte mijn skidoo niet meer! Na lang proberen besloten we terug te keren met de andere skidoo’s en ’s middags terug te komen. Cyrill was echter koppiger dan de machine en bleef proberen, met succes tot gevolg, gelukkig! Wij dus terug naar het kamp.
Na de lunch gingen Steve en Jeroen terug naar het meer om hun boor te recupereren, maar tot nu (19:00) toe zijn ze nog niet terug gekeerd. Wij gingen naar het meertje waar Jeroen en Steve gisteren geboord hebben en waar zij vloeibaar water hadden gezien. Daar aangekomen bleek dit vloeibaar water afkomstig van smeltende sneeuw. Toch probeerden we een paar stalen te nemen. Opnieuw alleen gravel en nog geen wieren, algen of mossen. Plots, toen Cyrill en steen verlegde, zagen we vanalles weglopen. Het bleken allemaal kleine, rode mijtjes te zijn. Cyrill nam stalen, niet voor zichzelf maar waarschijnlijk zal Pete Convey van het BAS er verder mee werken. Het leven in base camp gaat ondertussen gewoon verder. Er wordt hard gewerkt in de basis en de mannen vertrokken met drie prinots op traverse naar de kust om nog een 900 tal vaten brandstof op te halen. Wij hopen morgen naar een iets verder gelegen nunatak te kunnen gaan als het weer het toelaat! Vandaag was het trouwens heel de dag stralend weer en windstil. Het was zelfs warm toen we stalen aan het nemen waren op de Teltet nunatak.

Dinsdag 3 februari 2009

Steve en Jeroen zijn er gisteren niet in geslaagd de boor te recupereren. Ze waren pas om 21.30 terug in het kamp maar hadden ook nog een beetje rondgelopen op de nunatak. Vanochtend besloten ze terug te gaan naar het meer aan Teltet om nog een poging te doen de boor eruit te halen. Cyrill ging met hen mee om nog eens te zoeken naar mijten of springstaartjes, waar hij eigelijk naar op zoek is. Omdat hij gisteren plots mijten had gevonden weet hij nu beter naar welke habitats hij moet zoeken. Hij vond opnieuw mijten maar ditmaal een andere soort, nuja soort dat kan je zo op het zicht nog niet zeggen maar het beestje had een iets andere kleur en kortere pootjes, dus het zal zeker niet exact hetzelfde zijn. Annick en ik gingen terug naar de ridge vlakbij de basis. Gisteren hebben we nog eens de foto’s van Damien bekeken. Hij was hier twee jaar geleden, voor de basis gebouwd werd en nam stalen van lichenen en gravel. Zijn foto’s tonen nog maar eens aan dat het dit jaar echt slechter weer is. Toen hij hier was lag het grootste deel van de ridge en de nunatak bloot en nu is alles bedekt met sneeuw en ijs. Door het betere weer is er echter al een deel van de sneeuw gesmolten waardoor er toch een aantal lichenen bloot lagen. We namen dus nog een aantal stalen.
Toen de mannen terug waren, vertrokken we naar het meertje aan de voet van de nunatak Utsteinen. Het weer was echter aan het veranderen en het werd zeer koud omwille van de wind. Cyrill vond eindelijk zijn springstaartjes aan het meertje! Hij was ongelofelijk blij, hij toont op dit moment de foto’s en de beestjes in alcohol aan iedereen die maar de messtent durft binnen te komen.

Zondag 1 februari 2009

Vanmorgen leek het stralend weer te worden. De zon scheen en we hadden een adembenemend uitzicht dat we hier nog niet eerder hadden gezien door het slechte weer. Het was zondag en de mensen die in de basis werken hebben een dag vrijaf. Er werden al snel plannen gesmeed om de nunatak te beklimmen. Steve en Jeroen gingen terug naar de plaats waar ze gisteren een meertje gezien hadden en probeerden er met de boor een gat in te maken. Cyrill, Annick en ik gingen naar de ridge. Dit is de plaats die voorbehouden is voor de wetenschap en waar de andere mensen dus geen toegang tot hebben. Daar zochten we naar interessante plaatsen om stalen te nemen maar door de vele sneeuw van de laatste dagen en door de aanhoudende koude is alles bedekt en bevroren. We vonden dus weinig interessants en daar bovenop wakkerde de wind aan waardoor het echt koud werd op de ridge en het niet aangenaam werken was. We keerden dus al snel terug naar het kamp met de belofte er terug te keren als het een paar dagen mooier weer is geweest. We gingen dan maar lunchen. Na de middag klaarde het weer op en vonden we Alain Trullemans, berggids bij de paracommando’s bereid ons een rondleiding te geven rond de nunatak. Het was een prachtige wandeling met ongelofelijke uitzichten, mooie afdalingen en steile beklimmingen. De foto’s zullen prachtig zijn. Toen we de berg langs de ene kant passeerden kwamen we in de windscoop terecht waar we gisteren bovenaan hadden gestaan. Langs de ene kant heb je dan de rotsen en langs de andere kant de gletsjer. De wanden van deze gletsjer zijn helemaal verweerd door de wind en vertonen alle kleuren blauw door de weerkaatsing van de zon. Aan de rand van het meertje in de windscoop trachten we nog een paar stalen te nemen maar opnieuw vonden we niet zoveel interessants. Na een beklimming kwamen we terug op dezelfde plaats uit als gisteren en gingen we terug naar het kamp. Ondertussen had de kunstenaar en zijn mannen alle doeken gespannen en konden de foto’s genomen worden. De doeken zijn een samenstelling van foto’s van kinderen uit de hele wereld het een eigen tekening. In het groot zie je dan een oudere persoon. Met behulp van een klein vliegtuigje worden foto’s genomen van de hele constructie. De foto’s zullen zeker wel in de pers verschijnen. Ondertussen zijn we aan het avondeten...

Brief 21 janvier 2008 - Karolien Peeters

Hallo iedereen, zaterdag 31 jan. 09, 14.30
Eindelijk zijn we aangekomen in Utsteinen. Na ons vierdaagse verblijf in Cape Town vertrokken we woensdagochtend met de Ilyuchin (het vliegtuig van Indiana Jones!!!) richting Novo, de Russische basis op Antarctica. Na een zestal uurtjes vliegen kwamen we aan en hielpen we met het ontladen van de cargo. Irina, klimatologe en Russische legde al snel contacten met de “plaatselijke bevolking” en zo kwamen we te weten dat we niet onmiddellijk konden doorvliegen naar Utsteinen omdat er opnieuw een storm was opgestoken. We kregen dus twee verwarmde tenten toegewezen waarin we telkens met acht mensen konden slapen. Aangezien we niet zoveel om handen hadden en we ook de toelating niet kregen om de “luchthaven” te verlaten hebben we dus niet veel meer gedaan dan gegeten en geslapen. Je moet weten dat de luchthaven van Novo zo’n 19 km verder ligt dan de Russische basis zelf. Er zijn wel voorzieningen zoals slaap- en eettenten en een toiletcontainer maar verder is er dus niet zoveel te zien! We reörienteerden dan maar ons onderzoek en zochten uit wat de kwaliteit van de sneeuw was door middel van een sneeuwballengevecht. Conclusie was dat de sneeuw zeer goed plakte!
Daarna deden we wat aan onze conditie door wat te voetballen in de sneeuw met onze sneeuw boots! Na afloop namen een aantal van de mannen een sneeuwdouche. Dit is zeer goed voor de huid aangezien je op die manier alleen het vuil en de afvalstoffen verwijdert maar niet de beschermende laag die op Antarctica zeer belangrijk is als bescherming tegen de koude en de zon.
Vrijdagochtend was het dan gedaan met het schoon leven en vertrokken we naar Utsteinen. In Novo was het nog zeer mooi weer maar anderhalf uur later kwamen we aan in een betrokken Utsteinen. Deze plaats werd tot dit jaar de Riveira van Antarctica genoemd maar na het vele slechte weer dit jaar zal deze titel toch herzien moeten worden. De mensen van Laborelec die met ons meereisden werden goed ontvangen door hun collega’s die hier al 44 dagen aan het werk zijn. Iedereen kreeg een tent toegewezen en daarna konden we gaan lunchen! Ook kregen we een rondleiding van Gigi door het base camp en de basis. In de basis wordt nog hard gewerkt. Ze lijkt ook veel groter dan toen in Tour en Taxis omdat er op het gelijkvloers veel garages bij gebouwd zijn die op het moment gebruikt worden als werkruimte voor de schrijnwerkers.
Door onze aankomst zijn er nu teveel mensen om allemaal samen te kunnen eten en daarom moeten we nu in twee shiften eten. Dit is niet zo handig want zo leer je de andere mensen niet kennen en naast de mess tent is er geen enkele andere tent verwarmd dus sta je na het eten buiten in de kou! Vandaag hebben ze de mess tent een beetje anders ingericht zodat nu iedereen wel samen kan eten!
Wij zijn dan ook eindelijk aan ons werk kunnen beginnen. Vanmorgen maakten we al een verkennende wandeling naar de moraine, waar ik ook al een paar gravel stalen kon nemen. Deze middag zouden we naar de windscoop gaan. Damien Ertz van de plantentuin van Meise, die hier twee jaar geleden stalen nam, omschreef deze plaats als zeer veelbelovend maar hij kon er niet naartoe omdat hij niet beschikte over sneeuwijzers. Om de windscoop te bereiken moeten we een meer van blauw ijs ovesteken en dat is zeer gevaarlijk zonder sneeuwijzers. Gelukkig hebben wij er dit jaar wel!
Verder valt het leven hier in Utsteinen best wel mee. Ieder heeft zijn eigen tentje, en het eten is hier zeker in orde. Gisteren was het ook niet zo koud in de tent dus het slapen viel ook wel mee. Alleen het voortbewegen in een laag sneeuw van 20 cm is vrij lastig!
zaterdag 31 januari 2009, 19:30
Deze middag ondernamen we dan een poging tot aan de windscoop te geraken. Een windscoop is een opeenhoping van sneeuw vlak achter een berg. De sneeuw wordt tegen de helling van de berg omhoog geblazen en valt erachter op een hoop. Daar kan de wind er niet meer aan waardoor het daar blijft liggen. Daar de zonnestralling kan het gesteente van de berg opwarmen waardoor de sneeuw in de omgeving smelt en een meertje vormt, dat dan weer bevriest als het kouder wordt en de zon van possitie verandert en weer ontdooit als de zon weer schijnt. Dit is een interessante plaats om op zoek te gaan naar leven! Spijtig genoeg heeft het de laatste dagen tijdens de storm zeer veel gesneeuwd waardoor onze wandeling naar de windscoop vrij lastig was. Bergop en ploeteren in ongeveer 20 cm sneeuw, goede conditietraining! Maar ook ten gevolge van deze sneeuw was de omgeving van de windscoop te gevaarlijk geworden. Kloven zijn niet meer zichtbaar en de afgrond van de sneeuwberg naar het meertje is omgevormd in een icescoop (soort afdagje van sneeuw) wat zeer gevaarlijk en onvoorspelbaar is. Ook veranderde het weer. Er kwam steeds meer bewolking waardoor nu echt alles wit was, de lucht en de sneeuw! Daarom besloten we terug te keren naar de basis en daar te proberen iets zinnigs te doen. Deze weerscondities lijken niet erg gevaarlijk maar het weer is hier zeer onvoorspelbaar en zichtbaarheid is ongelofelijk belangrijk. Dit was ook de rede waarom onze vlucht naar hier zo lang is uitgesteld. Vorig jaar is er een Basler gecrashed omdat hij probeerde te landen in deze weersomstandigheden, maar zoals gezegd, alles is wit, dus de piloot heeft moeite met inschatten wanneer hij juist de grond raakt en bij een kleine misrekening kan dit dus tot een ramp leiden. Een ander gevolg van de weersomstandigheden van de laatste dagen is dat er vele interessante gebieden ondergesneeuwd zijn, terwijl deze anders op deze tijd van het jaar ontdooid zijn. Daarom zullen we bepaalde regio’s niet bezoeken, omdat Alain Hubert denkt dat we daar zeer moeilijk interessante dingen gaan vinden. Aangezien het weer nu ook niet zo goed is hebben we niet zoveel tijd om minder interessante dingen te gaan bekijken. We zullen moeten focussen op wat echt belangrijk is en hopen dat het weer het ons toelaat.
Zo tot hier voor vandaag. Ik wou nog laten weten dat ik vanaf nu niet meer in de mogelijkheid ben mijn eigen mails te lezen. Als je me toch een bericht wil zenden stuur dit dan naar belare@polarfoundation.org met vermelding van mijn naam als onderwerp!
Vele groetjes
Karolien Peeters